Wanneer jij, de leerkracht of een andere hulpverlener een vermoeden heeft dat er iets aan de hand is met je kind, kan je bij mijn psychologiepraktijk in Alkmaar terecht voor psychodiagnostiek.

Ik sta voor multidimensionele diagnostiek, door breed te kijken en te screenen op alle factoren die samenhangen met de binnenwereld, persoonlijkheid, voorgeschiedenis, omgeving en vaardigheden van een kind. Deze unieke, individuele kenmerken worden tot een klinisch beeld geïntegreerd, waarmee de problematiek begrepen kan worden en waarmee advies gegeven kan worden. Ik ben terughoudend met classificeren (diagnosestelling) en heb veel aandacht voor onderliggende aanleidingen voor klachtgedrag, met specifieke aandacht voor trauma en hechting. In ieder geval is een psychiatrische diagnose geen doel op zich. Ook voor vragen over differentiaaldiagnostiek, bijvoorbeeld tussen hechting en/of autisme kun je mij raadplegen.

Een testonderzoek bestaat uit een aantal onderdelen. Ik start met een intake waarin ik jullie hulpvraag verhelder en beoordeel of testonderzoek nodig is. Daarna neem ik testen af van het kind en vullen ouders vragenlijsten in. Het testonderzoek pas ik aan naargelang de leeftijd en het ontwikkelingsniveau van het kind. Bij voorkeur plan ik het onderzoek in de ochtend, zodat het kind uitgerust is. Ik analyseer vervolgens niet alleen de testresultaten, maar kijk onder andere ook naar contactname, werkhouding, concentratie, taakbegrip, aanpak, werktempo, reactie op foutjes en motivatie. Het testonderzoek sluit ik af met een nabespreking met de ouders om de testresultaten of de diagnose te bespreken. Ook voor het kind volgt eventueel een nabespreking over zijn/haar kwetsbaarheden en sterkte kanten. Indien je dit wenst, neem ik contact op met de school. Je ontvangt een uitgebreid verslag van het onderzoek, dat je kan bezorgen aan de verwijzer of aan relevante betrokkenen.

Elk onderzoek kan op zichzelf bestaan. Als daar een aanleiding voor is, start ik met therapie of begeleiding na het testonderzoek.

Intelligentieonderzoek

Behalve het meten van het intelligentieniveau (IQ) geeft dit onderzoek een duidelijk beeld van sterktes en zwaktes van een kind. Ik gebruik de WISC-V-NL IQ test. Een IQ test geeft een benadering van de mate van intelligentie, niet dé intelligentie. Een IQ-bepaling kan ingezet worden bij onder andere vragen over het algehele intelligentieniveau, bij gedragsproblemen, bij tegenvallende leerresultaten of taal-spraak problemen, concentratieproblemen en (vermoedens van) hoogbegaafdheid. Na de testafname worden de testscores en de gedragsobservaties geanalyseerd en zorgvuldig in een verslag verwerkt. Er kunnen handelingsadviezen opgesteld worden voor thuis en op school. De afname van een intelligentieonderzoek neemt ongeveer 2 uur in beslag.

Hoogbegaafdheidsonderzoek

Als jij of school het vermoeden hebt dat je kind hoogbegaafd is, kan MINT dit onderzoeken middels een hoogbegaafdheidsonderzoek. Dé ‘hoogbegaafde’ leerling bestaat echter niet. Er bestaat (nog) geen consensus over het concept ‘hoogbegaafdheid’. Een uitspraak over hoogbegaafd zijn omvat meer dan alleen een hoge intelligentie. Het is van evenzeer belang om vanuit een holistisch perspectief  te kijken naar de ontwikkeling van een kind, in termen van analytische, creatieve en praktische intelligentie. Het vaststellen van het verschil tussen een hoogbegaafde en een slimme jeugdige vraagt naast de bevoegdheid en bekwaamheid in het afnemen van een betrouwbare intelligentietest, kennis en vaardigheden op het vlak van psychologische persoonsontwikkeling. Ik breng het intelligentieniveau in kaart middels de WISC-V. Naast het meten van de intelligentie van de jeugdige, vorm ik ook een beeld van een aantal persoonlijke kenmerken middels een vragenlijst. Deze wordt voorafgaand aan het onderzoek ingevuld door ouders. Het hoogbegaafdheidsonderzoek kan aangevuld worden met een schoolobservatie, persoonlijkheidsonderzoek of neuropsychologisch onderzoek.

Neuropsychologische screening

Komt een kind in zijn functioneren thuis en op school niet goed uit de verf? Neuropsychologisch onderzoek (NPO) wordt ingezet voor het vaststellen dan wel uitsluiten van leerproblemen op het gebied van waarneming, aandacht- en concentratievaardigheden, geheugen, plannen en organiseren, ruimtelijk inzicht, probleemoplossend vermogen, flexibiliteit in denken en executieve functies. Om deze gebieden in kaart te brengen, gebruik ik verschillende diagnostische tests voor kinderen en jeugdigen. Bij het inzetten van een NPO wil je te weten komen welke affectieve en cognitieve structuren de prestaties hinderen. Hoe kunnen we het schoolse leren plaatsen binnen de brede ontwikkeling? Tevens vormt neuropsychologisch onderzoek een belangrijk onderdeel bij de diagnostiek van stoornissen in het autisme spectrum (ASS), aandacht- en concentratiestoornissen (zoals AD(H)D),  of een leerstoornis (zoals NLD).

Persoonlijkheidsonderzoek

Onderzoek om gedachten, gevoelens, herinneringen en relaties van een jeugdige in beeld te brengen, is zinvol als je je zorgen maakt of wanneer je kind problemen communiceert waarvoor nog geen duidelijk aanwijsbare oorzaak gekend is. Ik zoek naar een antwoord hoe een kind zijn/haar leefwereld benadert, ervaart en betekenis geeft. Hiervoor gebruik ik tekenopdrachten, gesprekken, projectief materiaal, (spel)observaties en vragenlijsten. Zo kom ik in contact met onderliggende verlangens, fantasieën, gevoelens en spanningen van het kind en merk ik hoe het kind hiermee omgaat. Afhankelijk van de onderzoeksvragen duurt een persoonlijkheidsonderzoek tussen de 2 en 4 uur.

Spelobservatie

Spelobservatie is een manier om de natuurlijke ontwikkeling in beeld te brengen bij jonge kinderen. Ik zet deze vorm van persoonlijkheidsonderzoek doorgaans in bij jonge kinderen tot 12 jaar. Op een speelse manier observeer ik de spelkeuze, spelduur, spelkwaliteit, thema’s, de concentratie, spanningsboog, frustratietolerantie, de contactname, de mogelijkheden tot contactgroei en verdieping van het contact en het spelniveau. Zonder alles onder woorden te hoeven brengen kan een kind op non-verbale wijze veel van zichzelf laten zien. Gewoonlijk bestaat uit een volledige spelobservatie uit 3 sessies van 45 minuten.

Hechtingsdiagnostiek

Gehechtheidsproblematiek kan ontstaan als de fase van hechting tussen ouder en kind niet of niet goed genoeg verlopen is. Dit kan leiden tot problemen met de emotie- en stressregulatie en de persoonlijkheidsontwikkeling en problematisch gehechtheidsgedrag bij een kind.

Als er vanuit de intake een vermoeden ontstaat dat er ‘iets’ mis is in de hechting bij een cliënt of bij je kind, kan dit middels een diagnostisch onderzoek verder worden bekeken. Middels gerichte observaties, interviews en vragenlijsten wordt op verschillende aspecten van gehechtheid ingezoomd. Hierbij analyseer ik o.a. het functioneren van het kind/de jongere binnen en buiten het gezin, de onderlinge relaties van de gezinsleden, de gedragssignalen van verstoorde gehechtheid, de kwaliteit en aard van de hechtingsrelatie en de gevolgen van de gehechtheidsproblemen voor de sociaal-emotionele ontwikkeling.

Schoolobservatie

Tijdens een schoolobservatie zal het functioneren van het kind in een leeromgeving en in een groep leeftijdgenoten in kaart worden gebracht. Ik zal het kind in de klas en op het schoolplein observeren naar onder andere de concentratie, werkhouding en interactie met leeftijdgenootjes en de leerkracht. Daarnaast zal er een kort gesprek met de leerkracht plaatsvinden. Ik maak de afspraak voor de schoolobservatie zelf met de leerkracht. De DLE- en intelligentiegegevens kunnen betrokken worden bij de analyse. Nadat het onderzoek is uitgevoerd, vindt er met de ouders een adviesgesprek plaats.